Peters Peinzels (23): 'Lees lees lees'

Van onze redactie
15 oktober 2026

Bijna een eeuw geleden schreef de Nederlandse dichter Nijhoff al: “Lees maar, er staat niet wat er staat.” Ik kan me nog herinneren hoe mijn leraar Nederlands een klas voor weerbarstige pubers probeerde te doordringen van het belang van zorgvuldig lezen, liefst tussen de regels door en ook nog er onder. Altijd op zoek naar andere betekenissen, verborgen lagen.
Een paar vrienden van mij en ik trokken een andere conclusie: waarom zouden we nog lezen als tekst iets anders betekent dan wat er staat? Zodat de lessen Nederlands een favoriet spijbeluur werden, goed voor de omzet van een nabij gelegen kroeg en vooral van de flipperkast die daar stond.
Die fase duurde niet heel lang, kan ik ter geruststelling zeggen. Dat kan ook bijna niet anders als je uit een familie komt waar lezen één van de belangrijkste bezigheden was, naast eindeloos buiten spelen. Maar nog altijd kan ik moeilijk de verleiding van een flipperkast weerstaan en betreur ik de geleidelijke verdwijning van dit fantastische apparaat uit de horeca.

Niet veel later hoorde ik een schrijver op de radio bijna berustend zeggen dat hij weliswaar de baas is over zijn teksten maar dat de lezer bepaalt hoe hij of zij die teksten leest. Een soort “beauty is in the eyes of the beholder” maar dan over taal, niet over uiterlijkheden.
Dus als u, geachte lezer, in mijn teksten een boodschap meent te ontwaren over wereldwijde complotten, geheime boodschappen waarmee ik aanzet tot massaal gebruik van alcoholica of flipperkasten of oproepen tot spijbelen, ga vooral uw gang. Het zegt meer over u dan over mij.

Ik moest er weer aan denken omdat het kinderboekenweek was. Eén van de mooiste gebruiken in dit land. Een week waarin menig kinderboek in het zonnetje wordt gezet, net als het belang van lezen.
Uit het meest recente PISA-onderzoek werd duidelijk dat steeds meer Nederlandse kinderen moeite hebben met lezen. Bijna 40% van de kinderen van 15 jaar beheerst onze taal onvoldoende om gewoon mee te kunnen draaien in de samenleving. De Italiaanse premier Meloni heeft een plan gelanceerd dat er voor moet zorgen dat er per klas niet meer dan 30% van de leerlingen een onvoldoende taalbeheersing hebben. Nou denk ik dat zij daarbij vooral denkt aan kinderen van allochtone afkomst maar daarmee haal je die 30% niet. Ook de kinderen waarvan de voorouders al lang Italiaans waren vallen er onder.
Als we in Nederland dezelfde regel zouden invoeren, moeten we de klassen bijna halveren, wat op zich geen slechte maatregel zou zijn en het onderwijs een flinke kwaliteitsimpuls zou geven.

Het kan ook simpeler.

Onze kinderen hebben we ongeveer vanaf hun geboorte voorgelezen; gigantische stapels boeken sleepten we wekelijks van de bibliotheek (nog zo’n fantastische voorziening die we niet genoeg kunnen koesteren) naar huis. Elke avond was het voorlezen een vast ritueel: van “Welterusten Kleine Beer” via de boeken van Richard Scary en Roald Dahl tot en met alle Harry Potter-boeken gingen er doorheen. Elk kind had een fase waarin de boeken zuchtend aan de kant werden geschoven, omdat andere dingen veel belangrijker waren. Maar nu, nu ze allemaal ruim de volwassen leeftijd hebben gehaald, kunnen we nog steeds af en toe bij elkaar zitten en komen de boeken tevoorschijn. Zowaar, de eerste peuterboeken verschijnen nu ook regelmatig bij de familiesessies.

Wat ik maar wil zeggen: lees, lees lees. En ja, dat staat er echt.

Lees hier de vorige Peinzel van Peter.


Dit bericht delen:

Advertenties