Peters Peinzels (19): 'Andermans ogen 2'

Van onze redactie
12 augustus 2026

Mijn Indonesische gast en ik zaten in het Kronenburgerpark, ruim nadat alle resten van de Zomerfeesten waren opgeruimd. Een briesje hield de temperatuur dragelijk, een goede koffie deed de rest. Genietend keek hij om zich heen en verzuchtte: "De inwoners hier zullen wel erg trots zijn op hun land." Hoezo dat? vroeg ik, enigszins ongerust omdat ik net te vaak berichten lees die op het tegendeel wijzen. 

"Kijk toch om je heen: prachtige parken, de straten worden schoon gehouden, hier geen electriciteitskabels die als spaghetti aan de gebouwen vastgebonden zitten maar keurig onder de grond weggewerkt; de terrassen zitten vol, iedereen lijkt vrolijk. Het onderwijs is gratis; de gezondheidszorg goed geregeld. Redenen genoeg om trots te zijn."
Ik moet er meteen bijzeggen dat dat in Indonesië wel iets anders is geregeld. 

Aarzelend begon ik hem te vertellen over enkele politieke partijen die het juist leuk vinden om te hameren op alles wat er niet goed is, en dat ze daarmee denken die mensen te plezieren die ook altijd wel iets te mauwen vinden. Toen ik daarbij aangaf dat deze partijen het ook graag  hebben over de joods-christelijke wortels van onze beschaving, keek hij me verbijsterd aan. "Je bedoelt diezelfde wortels die we vorige week in de kerk zagen?" 

We waren toen in Parijs en zoals dat gaat bezochten we nogal wat musea, de Notre Dame, de nodige eethuisjes en koffietentjes. Al dolend door de wijk Montmartre gingen we een kerk binnen waar een mis bezig was. Fluisterend legde ik hem uit wat de rituelen betekenden. Vooral de transformatie van brood in het lichaam en van wijn in het bloed van Jezus vond hij fascinerend. Eenmaal buiten vroeg hij of kannibalisme dus inderdaad ten grondslag ligt aan het christendom. 

Het gaat nog verder, reageerde ik; katholieken zijn gek op de botjes van de heiligen en geloven dat die een positief effect kunnen hebben als je maar hard genoeg bidt.
Hij begon te schaterlachen en bracht nog net uit dat hij ook gelezen had dat Maria niet zwanger was geworden van haar man Jozef, maar van iemand anders. "Dus de christelijke wortels bestaan uit een buitenechtelijke zwangerschap en kannibalisme?"

Toen namen we de Joodse wortels onder de loep, maar kwamen niet verder dan dat het om een volk ging dat tientallen jaren door een woestijn gezworven had voordat het neerstreek in in zo ongeveer het enige gebied in het Midden-Oosten waar geen olie in de grond zat. 

"Maar de naastenliefde dan?", pruttelde ik nog tegen. "Naastenliefde? Jezus was echt niet de uitvinder daarvan. Confucius was hem al een paar eeuwen voor en bovendien kun je de Joden van heel veel beschuldigen, maar niet van naastenliefde."

Die wortels, we konden er echt geen soep van maken deze keer.

Lees hier de vorige Peinzel van Peter.


Dit bericht delen:

Advertenties